Menu

Het gaat C-Power voor de wind in 2012

2012 is het belangrijkste constructiejaar voor C-Power, dat een offshore windpark van 325 MW bouwt op de Thorntonbank in de Noordzee. Na het pilootproject van de eerste zes turbines van 5 MW, die reeds operationeel zijn sinds 2009, installeerde C-Power dit jaar 30 nieuwe turbines van 6.15 MW elk. Een wereldprimeur, want voor het eerst werden windturbines met een dergelijk grote capaciteit zo ver in zee geplaatst.

De bouw van het windpark bestaat uit 3 fasen. De eerste fase, waarvan de bouw in 2008 plaatsvond, was een testfase. In maart 2012 ging de installatie van de turbines voor de tweede fase van start. Dertig windturbines werden dit jaar één voor één op hun funderingen geplaatst. De bouw van de laatste 18 windturbines start in maart 2013 en vervolledigt de derde fase en meteen ook het Thorntonbank project.

Vanaf de tweede fase van het project worden er 48 windturbines met een capaciteit van 6.15 MW geïnstalleerd. Op het vlak van fundering werd er overgeschakeld van betonnen funderingen naar stalen vakwerkstructuren (jackets). Zowel op financieel als logistiek vlak bood de keuze voor de jacketfunderingen voordelen. De assemblage van deze funderingen gebeurde door Smulders Projects in Hoboken. Smulders Projects is een onderaannemervan THV Seawind (tijdelijke handelsvennootschap tussen DEME en Fabricom die specifiek voor het Thorntonbank project werd opgezet).

 2-CPO-GEN-ENG-DRG xxx Phase I - III rev1 JDW 1024x725

Uitgevoerde werken in 2012

Plaatsen funderingen

De varende hijskraan ‘Rambiz’ van THV Seawind installeerde in 2011 reeds 24 stalen funderingen op zee, en vervolledigde dit werk in 2012 met nog eens 24 funderingen, inclusief deze voor fase 3. Deze funderingen met een gemiddeld gewicht van 500 ton, hebben een hoogte tussen 37 en 47 m.

Een specifieke fundering werd voorzien voor het Offshore Transformatorstation. Deze fundering, met een totaal gewicht van ongeveer 800 ton, werd gebouwd in het Verenigd Koninkrijk. Bovendien zijn er meer wachtbuizen (J-tubes) voorzien waarlangs de elektrische kabels het transformatorstation bereiken.

 

Senne14 480x640 Jacketinstallation Senne01 640x393

Transport Jacket naar Thorntonbank

Installatie Jacket door Hijskraan Rambiz

Zicht op Jacket bij zonsondergang

 

Installatie turbines

Alle onderdelen voor de turbines werden gestockeerd op de REBO-site (Renewable Energy Base Oostende) in de haven van Oostende. De 2 torendelen, de hub en de gondel werden op pontons binnengevaren. De 61,5 m lange wieken uit Denemarken werden per 3 ’s nachts via uitzonderlijk vervoer over de autoweg aangevoerd. Ter plaatse werden de wieken op de rotor gemonteerd.

Het was het gloednieuwe 60 m lange en 38 m brede zelf varende hefvaartuig ‘Neptune’ van GeoSea (DEME) dat de onderdelen naar de Thorntonbank bracht. De Neptune is in staat alle onderdelen van één volledige turbine te laden, 40 km richting de Thorntonbank te varen en daar alles te monteren met een kraan die tot 600 ton kan heffen. Dit met een gemiddelde doorlooptijd van 3 dagen en 3 nachten. Veel vaker dan op het land worden de maximum toelaatbare weersomstandigheden overschreden (wind, golven, etc.) waardoor er op zee niet gewerkt kan/mag worden. Maar ondanks het Belgische weer zijn alle 30 turbines binnen het vooropgestelde tijdsschema geplaatst.Bij helder weer kunnen we vanaf de kustlijn de windturbines bewonderen en zien draaien.

 

Load out Neptune 640x428 Neptunesenne Senne11 640x413
Laden van rotor op Neptune (Haven Oostende) Installatie toren Installatie rotor

 

Transformatorstation

Cruciaal in de bouw van het windpark was het plaatsen van het Offshore Transformator station (OTS) op zijn fundering. Het 2000 ton zware platform telt 4 verdiepingen en brengt de geproduceerde elektriciteit op een hoger spanningsniveau van 150 000 volt. Het transformatorstation werd in opdracht van ABB in Schiedam gebouwd en het was opnieuw de ‘Rambiz’ van THV Seawind die het platform op zijn fundering neerliet. De verbinding tussen de topstructuur en de fundering werd in 2 dagen vast gelast. De aanvoer van elektriciteit van de turbines naar het OTS gebeurt met 9 kabels (telkens per rij turbines) op een spanning van 33 000 volt. Na de transformatie tot 150 000 volt vertrekken er twee zeekabels naar de kust, waar de verbinding met het hoogspanningsnet van Elia gemaakt werd.

 

OTStransport Senne15 480x640

 Transport van de OTS Fundering

OTS

 

Zeekabel

De eerste kabel, die er al ligt sinds 2009 vormde de verbinding tussen de eerste 6 windturbines van 5,150 MW en het elektriciteitsnet aan land. Na het plaatsen van het Offshore Transformator Station in 2012 moest tevens de tweede grote zeekabel worden gelegd. De 3200 ton zware en 40 km lange kabel werd eind maart in de ABB fabriek in Karlskrona (Zweden) door het kabellegschip ‘Stemat Spirit’ opgehaald en op de zeebodem gelegd, om daarna in de zeebodem ingegraven te worden. Na de installatie van het OTS op zee konden de turbines telkens per rij windturbines (string) verbonden worden met het station. Het OTS bevat twee transformatoren, die afzonderlijk verbonden zijn via de twee zeekabels met het elektriciteitsnet aan de kust. Deze aansluiting bevindt zich op de Elia site (SAS Slijkens in Bredene). Bij een defect van één van de transformators of één van de twee zeekabels, is de andere nog altijd operationeel en tegelijk ook back up. Ook de verbindingskabels tussen de turbines (infield cables) werden op de zeebodem gelegd en ingegraven van zodra de funderingen op de Thorntonbank aanwezig waren. Het kabelleggen werd eind deze zomer afgerond.

 

beaching2 beaching3 Beaching

Beaching

Beaching

Beaching

 

Indienststelling van de windturbines

Tussen de installatie van de windturbines en het produceren van zijn een aantal stappen noodzakelijk om de werking van de turbines te garanderen.Na de Mechanical Completion, d.i. het mechanisch bevestigen en vastzetten van de turbine componenten, worden de commissioning activiteiten opgestart. In eerste instantie gebeurt een cold commissioning. Dit bestaat uit het testen van een aantal onderdelen zonder dat de turbine al onder spanning staat. Eens de kabels zijn verbonden met de turbines kan er spanning worden op gezet. Dan start de hot commissioning, het testen van alle elektrische onderdelen. Hierna wordt de turbine stapsgewijs in werking gesteld. Omdat een windturbine van dergelijke omvang niet zomaar op volle kracht kan beginnen draaien wordt het vermogen langzamerhand opgedreven. Van zodra de turbine zijn volle vermogen heeft bereikt, gebeurt een test run. Deze test run oordeelt of de windturbine wel produceert zoals vooropgesteld is. Wanneer dit volledige proces met een positief resultaat doorlopen wordt, wordt de windturbine finaal opgeleverd en aanvaard. Dit heet Substantial Completion. Hierna bevindt de turbine zich niet langer in een constructiefase maar wordt de verantwoordelijkheid overgedragen aan het Operation and Maintenance team.

TOM 2593c1 640x427
C-Power windpark op de Thorntonbank